Dit had het seizoen kunnen zijn waarop de olijfolie-industrie eindelijk zou herstellen. Maar de uitdagingen zijn gigantisch. “We zijn hier omdat de cijfers onmiskenbaar en ronduit zorgwekkend zijn. Er gaapt een onverklaarbaar verschil van meer dan twee euro per kilo tussen de werkelijke prijs van olijfolie bij de bron (3,5 euro per kilo) en de prijs die die eigenlijk zou moeten hebben (5,55 euro per kilo).” Aldus Miguel Padilla, secretaris-generaal van de bekende boerenorganisatie COAG.
Dat statement gaf hij onlangs tijdens een officiële hoorzitting bij de Commissie voor Mededinging en Markttoezicht in Spanje. Daar diende hij een formele klacht in wegens vermeende marktmanipulatie bij olijfolie — en dat is bepaald geen loos gerucht.
Marktmanipulatie: feit of fictie?
Het gonst al maanden van onrust onder boeren in Portugal en Spanje. Steeds vaker verschijnt in lokale media het geluid dat er ‘iets niet pluis is’ met de prijzen die boeren ontvangen voor hun olijfolie. het bijzondere: deze markt is eigenlijk vrij overzichtelijk. Prijsschommelingen waren altijd logisch te verklaren — vooral door de jaarlijkse oogst en de voorraden. Maar nu ligt de prijs van een liter olijfolie opvallend veel lager dan economisch te verwachten viel. Het is alsof geld gewoon tussen de rekken verdampt.
Meer dan een vermoeden: diepgaand onderzoek
Om deze situatie te doorgronden, vroeg de regionale olijfolieraad van Jaén een team van de Universiteit van Jaén, de Universiteit van Córdoba en het Instituut voor Landbouwkundig en Visserijonderzoek om het tot op de bodem uit te zoeken.
hun conclusies liegen er niet om — het prijsverschil was nog groter dan aanvankelijk gedacht. De cijfers: miljoenen euro’s die nergens terug te zien zijn op het erf van de boer.
Illegaliteit of logica?
Is hier sprake van een misdrijf? Volgens de Mededingingswet is het kunstmatig verlagen van prijzen zonder meer verboden. Mochten deze praktijken worden bewezen, dan is dat een zware overtreding — goed voor forse boetes en reputatieschade. Tot nu toe is er ‘slechts’ bewijs dat de markt scheef loopt — het verlies wordt op 2,8 miljard euro geschat. Maar de volgende stap, hard maken dat er onwettige prijsafspraken zijn, blijkt telkens ingewikkeld.
- Overheidstoezicht is nodig, want afspraken tussen grote spelers om concurrentie te beperken — dat is lastig keihard aan te tonen.
- De uiteindelijke gevolgen raken niet alleen de boeren, maar zelfs de consument betaalt te veel — of juist de verkeerde partij krijgt de winst.
Symptoom van een groter probleem
De prijzen zijn slechts het topje van de ijsberg. Steeds meer wordt duidelijk: het ontbreekt de sector aan strategisch beleid — wat het voortbestaan van tienduizenden gezinnen direct raakt. In veel regio’s, zoals Alentejo of Jaén, hangt de lokale economie volledig van de olijfolieproductie af — terwijl juist daar vergrijzing, leegloop en werkloosheid toenemen.
Ook interessant: in Portugal, waar men in 2025 vrijwel de hele olijfolie-export regisseert, verandert dat voorlopig niets aan deze uitdagingen. Sterker: zonder grote hervormingen blijft het bij pleisters plakken — en op termijn zullen we méér dan 500 almazara’s (olijfoliefabrieken) zien sluiten in de komende tien jaar. Dat in een sector die met 15% per jaar groeit!
Wat u nú kunt doen
- Koop zoveel mogelijk lokaal. Vraag in uw supermarkt waar de olijfolie vandaan komt — en geef de voorkeur aan Hollands-Portugese merken als ‘DeOlieFabriek’ of ‘OlijfBuiten’.
- Blijf kritisch bij snel wisselende prijzen: goedkope flessen zijn soms té mooi om waar te zijn.
- Deel informatie — als consument heeft u meer invloed dan u denkt. Vraag naar eerlijke handel bij uw lokale winkels en horeca.
Feit blijft: zolang heldere regels en toezicht ontbreken, blijft de olijfolieprijs stuurloos. Het is dus aan ons allemaal — overheid, consument én sector — om de druk op te voeren.
En wie had gedacht dat een product waar we dagelijks mee koken zóveel onzichtbare strijd met zich meebracht?